Geduld

Geduld.
Wat een situatie, waar zijn we in beland.
Ik kan niet meer naar mijn werk en moet dat nu thuis doen.
Het voelt allemaal zo ongewoon.
En ik moet ook nog tussendoor voor mijn kinderen zorgen.
Die zijn nu thuis en vragen veel aandacht van mij.

Geduld.
Wanneer mag ik weer eens lekker uit eten?
Kan ik snel weer een naar de bioscoop?
Ik wil ook weer naar de sportschool,
naar de winkelboulevard, op een terrasje zitten even niets doen.
Kan ik eigenlijk nog op vakantie of gaat dat ook niet door.

Geduld.
                God, waarom is er deze vervelende ziekte nu?
                               Wat is er mijn kind.
                We kunnen niets meer, we mogen niets meer.
                               Wat mag je dan niet meer?
                Zie dan, de hele economie staat stil!

Geduld.
Ik kan niet meer naar opa en oma,
ik kan eigenlijk niet lekker winkelen,
ik kan nergens meer naar een vereniging.
’t Is gek, maar ik wordt hier overspannen van
omdat ik niets meer kan.

Geduld.
                God:      Maar je werkt toch thuis nu, dat gaat toch gewoon door.
                               Voor je kinderen zorgen is toch niets mis mee, geniet er van.
                                Heb je zelf wel eens de tijd genomen lekker eten te maken?
                               Kijk naar wat je allemaal al hebt, heb je meer nodig.
                               En gebrek aan tijd, is dat echt waar?

Geduld.
                God:      Kijk wat er van komt als je elkaar zo op de lip zit,
                               je denkt alles te moeten en nergens tijd voor te hebben.
                               De een wil alles nog groter en beter dan de ander
                               en wat heb je eigenlijk bereikt met je ongeduld.
                               Denk nog eens goed na, relativeer!

Geduld.
Ja, eigenlijk is dat waar, maar ik ben dit niet gewend.
Met een andere manier van leven kan ik toch hetzelfde.
Elkaar wat ruimte geven en niet zo gejaagd zijn is toch ook best fijn.
Min of meer gaat alles toch door de afgelopen tijd?
We worden er zelfs inventief van, wat we echt willen krijgen we nu toch voor elkaar,
en met wat geduld, als alles voorbij is, kan ik op deze manier veel meer.
Dan mag ook alles weer meer, dan mag ik weer naar mijn naasten.
Ik denk nu al meer na over andere mensen en bel ze vaker op, of stuur een kaartje.

Geduld.
Met een beetje geduld zorg ik nu dat anderen de ruimte hebben om mensen te helpen.
Met een beetje geduld zorg ik nu dat deze situatie hopelijk snel voorbij gaat.
Met een beetje geduld leer ik mijzelf opnieuw kennen.
Met een beetje geduld komt het toch weer goed.

God, help me om geduld te hebben, maar help me ook om voor altijd geduld te bewaren.
 

(Uit Niets, omdat het nu gebeurt)

Geplaatst door gemeentelid
Geplaatst op 2020-04-13
Hier kunt u reageren op dit item. Ook mag u hier een eigen item indienen. 
Alle binnenkomende berichten worden eerst beoordeeld voor het geplaatst wordt.